Dinsdag 21 augustus - Sequoia National Park
21 augustus 2018 - Sequoia National Park, California, Verenigde Staten
Na een vroeg ontbijt reden we naar het historical museum, waar we om 8.30 werden opgepikt door Bob, die ons met zijn shuttle naar het Giant Forest visitor center zou brengen, een rit van ruim een uur, inclusief een stop bij het Foothills visitor center en een korte wachttijd bij de werkzaamheden.
Tijdens de laatste kilometers werden de eerste reuzen sequoia’s al gespot. Na het opnemen van de info van de tentoonstelling en een blik op de Sentinel Tree voor de deur (78 meter hoog), namen we de parkshuttle. We reden na een korte stop bij de General Sherman tree (‘s werelds grootste boom, maar ja, hoe controleer je dat ;-)), door naar de lodgepool om te lunchen.
De temperatuur hierboven was zeer aangenaam, anders dan gisteren beneden, waar het echt wel flink in de 30 gr was.
Terug naar de Sherman pakten we een trail op. Het eerste stuk was nog druk, een verhard pad dat voerde langs alle highlights, de grootste, dikste, meest holle bomen. Toen we de afslag naar een onverhard pad namen was het meteen een stuk rustiger. We kwamen bijna geen mensen meer tegen, maar wel squirrels, chipmunks en yellow bellied marmots. Het pad voerde door varens en grassen, met nog steeds de reuzenbomen aan weerszijden. Een heel mooie wandeling dus. Na zo’n 8 km (en vele foto’s) werd het weer drukker, we kwamen in de buurt van de Cresent Meadow parkeerplaats. En daar kwam de klap op de vuurpijl van de wandeling: een beer! Rustig deed hij zich tegoed aan de bloemetjes en de boomtakken, steeds een stukje verder schommelend door het bos. Deze keer tijd genoeg dus voor foto’s, maar ook om te kijken en te genieten.
Na deze ontmoeting namen we op de parkeerplek de parkshuttle naar Moro Rock. We hadden ook die kant op kunnen lopen, maar onze bus terug naar Three Rivers zou om 17.30 vertrekken en we wilden niet het risico lopen om die te missen. Moro Rock was even pittig klimmen, via een trap over de rotsen, gelukkig met een reling. @oma Bep: het verscil in hoogte tussen boven en beneden is vergelijkbaar met de Bommelse toren, dus het zou u ook gelukt zijn!
Boven genoten we van het prachtige uitzicht. Daarna shuttelden we terug naar onze bushalte, bij het visitor center.
Daar werden we in de bus gezet bij Diane, een soort Jordaanse Amerikaanse met een vette lach. Voordat ze mocht vertrekken (ze was niet vol, er werd even gewacht op aansluitende parkshuttles of daar nog mensen in zaten) had ze een zeer geanimeerd gesprek met de coördinator. Toen ze weg mocht riep ze hem weer terug: zit er wel genoeg benzine in de tank? Het was me niet opgevallen vanmorgen, is hij wel afgetankt? Of verlies ik benzine?? Hij keek mee en verzekerde haar dat ze het wel zou redden.
De hele weg omlaag uitte ze haar zorgen, hardop, tegen niemand in het bijzonder, maar behalve ons was er nog één andere passagier, die half sliep, met zijn headphones in zijn oren, dus wij voelden ons geroepen om af en toe te reageren.
“Oh my god, this isn’t my lucky day”
“Why didn’t I notice this before?”
“Did they tank this bus last night? Am I loosing fuel?”
“ We used to tank these busses by ourselves you know!”
Afgewisseld met van die bulderende lachsalvo’s, beetje zoals Adèle Bloemendaal dat deed.
“ Oh great, my fuelsign just came on! We are not goung to make it!”
“ Don’t know what will happen if this bus really runs out of fuell”
(Wij wel: geen stuurbekrachtiging, geen rembekrachtiging).
Ze maakte het spannend: tijdens de haarspeldbochten naar beneden bleef ze proberen om via de boordradio Robert (onze Bob van die morgen) op te roepen, die voor ons reed. Dat leverde alleen maar gekraak op.
“ oh my god, I can’t reach any one, it’s not my day! Ginna be working late tonight”
“And I didn’t notice until just now, you are alle going to hate me for this”
Waarop wij verzekerden dat dat niet zo was en zij weer haar vette lach lachte.
Na een voor haar redelijk zenuwslopende rit naar beneden arriveetden we bij het Foothill visitor center en daar stond Bob met zijn busje.
“Oh thank God, Robert is here!!”
“Robert, I couldn’t reach you, I’m out of fuel!”
Robert/Bob wist haar te kalmeren:
“ You’ll make to Three Rivers and there is a fuelstation. Have you got any money with you?”
“Oh yes, that’s true, what a good idea!”
Hij adviseerde haar om even een sigaretje te roken. De ene passagier die verder moest dan wij werd voor de zekerheid bij Bob in de bus gezet. “Good luck”, zei hij met een grijns.
Bob/Robert kwam nog even de bus in om ook ons te verzekeren dat ze het zou redden, en dat hij achter haar aan zou rijden.
Inmiddels kwam Diana terug van haar rookpauze, knuffelde Robert/Bob en stapte weer in, een stuk meer ontspannen. Ze zette ook maar meteen de airco aan.
Het was nog ongeveer een kwartier naar onze stop en inderdaad haalden we dat gewoon.
Terug in de camper reden we langs de Shell en zagen we haar tanken. We zwaaiden en vrolijk zwaaide ze terug! Wat een vrouw!
Op de camping terug werd er nog wat gezwommen en even gerelaxt. We aten erg laat en overlegden ook over de route van morgen: kort, weinig highway 1 en vroeg op de camping of ver omrijden, lang in de auto maar het mooie stuk highway 1, dat lang gesloten was geweest, maar nu weer helemaal open. De meerderheid koos voor de laatste optie, mede gezien de weersvoorspellingen: het zou niet warm zijn in Half Moon Bay.
1 Reactie
-
Bep:25 augustus 2018Goedemorgen, jullie wisten dat ik de klim naar boven makkelijk zou halen waarom moest ik dan thuis blijven, ik had zo mee kunnen gaan met deze reis, was niemand tot last geweest en had ik ook nog kunnen genieten van Adele. Liefs voor allemaal en een fijn vervolg van deze prachtige reis.
